U heeft recht op ouderdomspensioen als u 65 jaar wordt. Het ouderdomspensioen wordt opgebouwd vanaf uw 25 e jaar. Indien uw salaris in de loop van uw dienstverband uitgaat boven het maximum pensioengevend salaris dat geldt in de pensioenregeling van uw bedrijfstakpensioenfonds, wordt u als deelnemer opgenomen in onze pensioenregeling.
Tot 2004 telden de achterliggende dienstjaren (doorgebracht bij uw eigen onderneming en/of bij een ander bij ons fonds aangesloten onderneming) mee voor de opbouw van uw pensioen, ook al was er over die jaren door u geen premie betaald.
Met ingang van 1 januari 2004 is deze regeling gewijzigd in een systeem, waarbij alleen deelnemersjaren meetellen voor de opbouw van het pensioen. Deze wijziging geldt alleen voor nieuwe deelnemers, dus niet voor degenen die op 31 december 2003 al deelnemer waren.
Voor een overzicht van de per 31-12-1999 aangesloten bedrijven klik hier
Uitruilmogelijkheid nabestaandenpensioen
Op het moment dat u uw ouderdomspensioen aanvraagt heeft u eenmalig de mogelijkheid het nabestaandenpensioen gedeeltelijk of geheel uit te ruilen voor een hoger ouderdomspensioen. Het hogere ouderdomspensioen hangt af van de keuze die u maakt.
Na uw overlijden wordt er dan wel een lager (of mogelijk zelfs geen) nabestaandenpensioen uitgekeerd zolang uw partner leeft. Door deze uitruilmogelijkheid kunt u uw pensioen optimaal afstemmen op uw individuele situatie en er voor zorgen, dat uw partner na uw overlijden een pensioen krijgt, dat aansluit bij de eventueel reeds voor uw partner bestaande pensioenverzekering uit zijn of haar eigen dienstbetrekking.
Als u gescheiden bent, heeft uw gewezen echtgenote of echtgenoot wettelijk recht op een deel van het nabestaandenpensioen. Dit deel brengen we in mindering op het voor u verzekerde nabestaandenpensioen en kunt u niet voor een hoger ouderdomspensioen uitruilen.
Als u geen partner heeft en alleenstaand bent ligt het voor de hand, dat u het gehele nabestaandenpensioen uitruilt voor een hoger ouderdomspensioen. Reglementair wordt namelijk nimmer een nabestaandenpensioen uitgekeerd als u na de ingang van uw pensioen in het huwelijk treedt of gaat samenwonen.
Voor extra informatie zie uitruil nabestaandenpensioen .
Vervroegde pensionering
Het ouderdomspensioen kan op verzoek eerder ingaan dan op de 65-jarige leeftijd, maar niet voor het bereiken van de 55-jarige leeftijd.
Het vervroegde ouderdomspensioen wordt vastgesteld door het ouderdomspensioen, waarop bij het beƫindigen van de deelneming aanspraak is verkregen, te verminderen door toepassing van een leeftijdsafhankelijke, actuarieel berekende kortingsfactor.
Vervroegde ingang van het ouderdomspensioen is niet van invloed op de hoogte van het nabestaandenpensioen.